Er zijn verschillende tradities bekend in Nederland. In mijn boek ga ik hier uitgebreid op in. Zoals de herkomst van het schoentje zetten, bepaalde snoepgoed, zwarte Piet etc. Daarnaast zijn er ook verschillende tradities te vinden in Europa. Enkelen worden hier behandeld of vind u terug in mijn Blogs
Zwitserland Klausjagen
Een van de oude gebruiken in Zwitserland rondom de H. Nicolaas is het Küssnachter Klausjagen. De oudste schriftelijke bronnen over het Klausjagen in dit stadje dateren uit 1732.
Het gebruik zou teruggaan tot een oud Germaanse vruchtbaarheidsritus als voorbereiding op de naderende Zonnewende rondom 22 - 25 december. Men gebruikte hiervoor veel licht, om zo de duisternis te verdrijven. Daarnaast maakte men veel lawaai om zo de boze duivels en geesten te verdrijven. Hiervoor gebruikt men koebellen, hoorns en zwepen. Al gauw werd dit gebruik gekerstend. Dat wil zeggen aangepast en gekoppeld aan het Katholieke feest van de H. Nicolaas. Zijn feest werd al op de avond van te voren gevierd, op 5 december (onze pakjesavond). Bij deze omgang door Küssnacht lopen tussen ongeveer 1500 mannen van het dorp en de omgeving mee. Een groep van 200 Iffelen dragen op hun hoofd een bijzondere zelfgemaakte en verlichte Mytra (= mijter, het hoofddeksel van een bisschop) mee. Hierop staat altijd een afbeelding van Nicolaas en de letters IHS. Ten onrecht wordt hier een link gezocht met voorchristelijke rituelen. Historisch is dit niet bewezen.
Sfeerimpressie van het Klausjagen: https://www.youtube.com/watch?v=ySThoUrSnMQ



Deelnemers van het Klausjagen in Küssnacht am Rigi
Frankrijk De aankomst van Sint Nicolaas
Het Sint-Nicolaasfeest, gevierd op 6 december, heeft zijn oorsprong in de katholieke traditie en wordt vooral in Nederland, België en delen van Duitsland gevierd. In Lotharingen, een regio die zowel in Frankrijk als in delen van België ligt, wordt dit feest ook gevierd, zij het op een iets andere manier. In Lotharingen, dat historisch gezien deel uitmaakte van het heilig roomse rijk, is Sint-Nicolaas een belangrijke heilige. Het feest heeft een sterkere culturele en religieuze betekenis, met name in de stad Nancy, waar men grote parades en processies houdt ter ere van de heilige. In Lotharingen wordt het feest vaak gekenmerkt door lokale tradities, waaronder het geven van lekkernijen, zoals spéculoos, peperkoek en andere zoetigheden die ook elders in Europa populair zijn tijdens deze tijd van het jaar. Er zijn ook vaak markten en festiviteiten rond het Sint-Nicolaasfeest, en in sommige dorpen worden speciale misvieringen gehouden.
In 1477, vlak na de Slag bij Nancy, werd Sint Nicolaas de beschermheilige van de inwoners van Lotharingen. Terwijl het conflict voortduurde tot de nederlaag en dood van Karel de Stoute, hertog van Bourgondië, plaatste hertog René II van Lotharingen zijn leger van 20.000 man onder de bescherming van de Maagd Maria en Sint Nicolaas toen ze door Saint-Nicolas-de-Port trokken. Deze band tussen Nancy en Lotharingen en Sint-Nicolaas is sindsdien nooit verbroken. Elk jaar weer is er een grote parade, met veel lichtjes en vuurwerk waar St Nicolaas feest wordt onthaald met zijn aankomst op Place Stanislas.
De legende van de drie Kinderen. Drie kinderen trokken eropuit om te sprokkelen. Op de terugweg verdwaalden ze echter. Na uren lopen kwamen ze bij een prachtig verlicht huisje: het huis van de slager. Heel vriendelijk gaf hij hen te eten en bood hij onderdak voor de nacht. Toen de kindertjes diep lagen te slapen, sneed de slager hun keel door, sneed de kinderen in stukken en zette de stukken kind op pekel. Er gingen een paar jaren voorbij. Sint-Nicolaas hoorde van de drie kleine sprokkelaartjes. Hij stapte naar de gemene slager en vroeg om wat pekelvlees. De slager trok bleek weg, waarop de Sint het pekelvat zegende en het deksel eraf haalde. De kinderen stapten fris en monter uit het vat en hadden nog nooit zo goed geslapen.
De Franse Piet heeft als taak het peilen van het goede gedrag van de Franse kindertjes en het straffen van de stoutsten. Hij is een echte boeman en draagt op zijn rug een grote rieten mand waarin hij de stoute kinderen stopt. Volgens de legende zag de Franse Piet Père Fouetttard in 1552 in Metz het daglicht, tijdens het beleg van de stad door de legers van Karel de Vijfde, waar het leerlooiersgilde een personage – half reus, half vogelverschrikker – in het leven had geroepen, naar het beeld van de belegger. In de Duitstalige Moezelstreek wordt hij Hans Trapp genoemd. In de Kromme Elzas is hij een genie met slechte intenties die Mullewitz heet. Een andere theorie is dat hij de slager is uit het verhaal van Sint-Nicolaas, die werd bekeerd.
Verder onder constructie